Allerlaatste van een eeuwenoud Gents beenhouwersgeslacht. Charcutier André Van Loo in de Brugsepoort

Luc Devriese

Samenvatting


De naam Van Loo bleef zeven eeuwen lang verbonden met de Gentse vleeshouwersnering. Tot aan het einde van de 18de eeuw domineerden de Van Loo’s niet enkel dit ambacht, maar ook dat van de vishandelaars. André, geboren in 1924, was de laatste Van Loo actief in de sector. In een interview geeft hij zijn ervaringen weer. Nog tijdens de lagere schooltijd werd hij ingeschakeld om de schapen en runderen van de familie te verzorgen. Na een vruchtbare leertijd bij een meester slager kon hij samen met zijn vrouw een charcuterie uitbouwen in de Gentse volkswijk Brugsepoort. De winkel was strategisch ondergebracht in een hoekhuis aan de voet van een brugje waarover tot in de jaren 1960 veel arbeiders naar de grote fabrieken in de buurt stapten of fietsten. Als charcutier ‘die alles zelf maakte’ behoorde André Van Loo tot de toplaag van het beroep. Hij vertelt over zijn specialiteiten: roti de porc in stenen potten afgevuld met gelei, alle soorten hammen, bloedworst en ook vaardig uitgesneden biefstukken, liefst van dikbildieren (‘peirdebiesten’).


Volledige tekst:

PDF


DOI: http://dx.doi.org/10.21825/vmend.v11i4.5119

Terugverwijzingen

  • Er zijn momenteel geen terugverwijzingen.